De rol van de arbiter wordt gemakkelijk onderschat

Als je bij verschillende wedstrijden de arbiter observeert, valt het al gauw op dat bijna elke arbiter een beetje eigen maniertjes heeft. Soms doet dat plezierig aan, soms valt het ook bijna niet op en soms is het zelfs een beetje storend en afleidend.

Een van de eerste vuistregels die je leert als je ambitie hebt om – als je dan toch als arbiter moet fungeren – het dan ook maar zo goed mogelijk te doen, is om te proberen niet op te vallen. Daarmee bedoel ik dat je niet mag proberen om de aandacht op jou als arbiter te vestigen. Sommige arbiters lukt dat heel goed, anderen kost het wat meer moeite. Een enkele keer zie je zelfs iemand als arbiter aan de tafel staan die in de veronderstelling lijkt te verkeren dat arbitreren een soort van entertainen is.
Zo is er iemand die, als hij als arbiter moet annonceren, de spelers steeds bij een andere naam noemt. Of iets wat hij dan als een naam beschouwt. Hij doet dat dan opgewekt, vindt het blijkbaar erg grappig. Dat anderen het dan weer niet grappig vinden, dringt niet zo tot hem door. Zelfs vragen om toch liever de correcte namen te gebruiken, helpt maar zelden.
Zulk gedrag aan de tafel, zelfs al ben je verder een uitstekende arbiter, is natuurlijk niets om jezelf voor op de borst te slaan. Het lijkt dan een beetje alsof je de arbiter de belangrijkste persoon vindt. En vergeet daarbij dat je de concentratie van de speler(s) verstoort of zelfs onmogelijk maakt en daardoor je taak heel slecht uitvoert.

Een ander verschijnsel dat je ook nogal eens kunt waarnemen is, dat de arbiter niet alleen aandacht heeft voor de ‘eigen’ tafel, maar ook voor alles en iedereen. Niet om er op te letten dat de spelers niet worden afgeleid of gehinderd, het is natuurlijk juist goed als de arbiter daar attent op is. Nee, om deel te nemen aan gesprekken van anderen of een opmerking ten beste te geven over iets wat niets met zijn partij te maken heeft. Bijvoorbeeld tijdens het arbitreren de laatste voetbaluitslagen te bespreken. Of tijdens het bespreken van voetbaluitslagen tussendoor ook nog de caramboles te annonceren Ook zulk gedrag kenmerkt de arbiter wie het belang van de spelers voor wie hij aan de tafel staat, eigenlijk niet echt interesseert. Dan ben je een slechte arbiter.

Dan nog een gedrag wat heel vaak voorkomt. Een arbiter die het handig vindt om gedurende de partij zijn drinkglas in de hand te houden. Makkelijk als je een slok wilt nemen natuurlijk. Dan hoefje eerst niet te lopen. Maar je maakt er een heel onverschillige indruk mee. Je wekt al gauw de indruk dat je jezelf belangrijker vind dan de spelers. Ook doet het gemakzuchtig aan. Arbiters die het glas graag in de hand houden, zijn over het algemeen ook weinig bereid om nog even een stapje extra te doen om het wel of niet caramboleren goed te kunnen waarnemen. Dat maakt dan weer dat de speler minder vertrouwen in de arbiter heeft en gemakkelijker zal twijfelen aan de juistheid van het oordeel.
Als arbiter hoefje heus niet als een houten klaas aan de tafel te staan. Laat je merken dat je waardering hebt voor een mooie stoot, niks mis mee. Ook als arbiter blijf en ben je tenslotte liefhebber.
Reageer je beschaafd op een in jouw richting gemaakte opmerking, niks mis mee. Zolang je er maar om denkt dat je als arbiter nooit het initiatief neemt tot opmerkingen. En als je antwoordt, doe het dan niet terwijl de speler zich concentreert op de volgende stoot of en net voor aanlegt. Aanwezig zijn zonder op te vallen, leiden zonder leidend te zijn, aandacht geven zonder aandacht te trekken.
Daarmee kom je al een heel eind.

Bron: Biljart totaal (april 2015)
Auteur: Piet Verhaar
Email: pietvangerte@hotmail.com

*** Als een bal de wijde wereld kiest *** Index *** Regels zijn er niet voor niets ***

Digiprove sealDe inhoudt op deze pagina van bv b.e.j.a. is Digiproved © 2016
Facebooktwittergoogle_pluspinterest

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *