Ketsen, een vervelend fenomeen

Elke biljarter heeft er wel ervaring mee. Je bent geconcentreerd en zit lekker in de partij. Je denkt juist aan een mooie serie en dan……..kets!

Wie kent het niet. Soms is de bal misen ga je teleurgesteld zitten. Maar soms is de baltoch nog raak en kun je opgelucht verder. Je paktje schuurplankje en ruwt de pomerans wat op, zodat ‘ie weer beter ‘pakt’. Maar even later gebeurt het wéér Nu schroefje kordaat de top los en pakt een andere top. De pomerans waarmee je ketste gaat er af en wordt vervangen, want je vindt dat-ie te glad en te hard is geworden.

Wat is ‘ketsen nou eigenlijk precies? Wel, bijeen afketsende afstootglijdt de pomerans bij het raken van de balweg. Dat kan komen doordat te dichtbij de rand van de bal afgestoten wordt waardoor de pomerans op de schuine zijkant wegglijdt. Maar soms heeft ketsen een andere oorzaak. Je blijft niet staan tijdens de stoot, je komt al overeind voordat je de stoot volledig uitgevoerd hebt. Soms ook beweeg je je voorhand tijdens de afstoot of zie je de speler tijdens de stoot zijwaarts bewegen. Al deze en nog meer oorzaken kunnen een kets tot gevolg hebben.

Het Spelen Arbitrage Reglement (SAR) heeft het nergens over ‘ketsen’. Alleen is beschreven hoe een carambole tot stand dient te komen. In art.5207 lid 1 lezen we: ‘onder een carambole verstaan we het met de speelbal raken van beide andere ballen, nadat de speelbal in beweging is gebracht door een met de pomerans éénmaal toegebrachte stoot’. In lid 3 staat vervolgens ‘alléén de arbiter beslist of een carambole geldig is’. Dat is een belangrijke toevoeging. Er is bewust voor gekozen dat de menselijke waarneming beslissend is.

Over het onderwerp ‘ketsen ontving ik twee interessante brieven. De eerste briefschrijverschrijft dat hij een ketsende afstoot op video heeft opgenomen en vertraagd heeft afgespeeld. Op die video-opname”, schrijft hij, is duidelijk te zien dat de pomerans de bal méér dan eens raakt, ja soms vele malen, door die langere, afglijdende stoot”. Hij vervolgt dan: , omdat de pomerans de bal méér dan één keer raakt, ben ik van mening dat een ‘ketsbal altijd afgeteld hoort te worden”.

Hij is niet de enige die er zo over denkt Een tijdje terug was ik bijeen regiofinale bandstoten-klein tweede klasse, waar één van de deelnemers ondanks een ‘kets toch een carambole maakte die door de arbiter als geldig werd beoordeeld. Later, tijdens wat napraten, kwam een andere deelnemer er op terug en stelde dat bij een ketsbal altijd de bal wordt geraakt met de zijkant van het beentje, zodat volgens hem bij een ‘kets’ altijd afgeteld hoort te worden. Ik heb toen geprobeerd om uit te leggen dat bij een ketsballang niet altijd de bal met de zijkant wordt geraakt, maar dat was voor hem van geen belang. Als je ketst raakje altijd de bal met de zijkant, dus aftellen”. Punt uit!

Deze persoon en bovenstaande briefschrijver gaan voorbij aan het feit dat ketsen lang niet altijd wordt veroorzaakt door afglijden op de buitenkant van de bal. Zoals ik al schreef, er kunnen veelandere oorzaken zijn. Je kunt ook ketsen terwijl je in het midden van de balafstoot. Bijv. omdat je beweegt. Dat kun je heel mooi zien aan de afdruk op de pomerans. Bij ketsen omdat je te dicht bij de buitenkant van de bal zit, zie je een glad plekje op de rand van de pomerans. Maar het komt ook voor dat er bovenop de pomerans een mooi glad plekje te zien is, met er omheen zichtbaar onaangeroerd krijt. In dat geval heb je geketst terwijl je midden op de bal hebt gestoten. En kun je onmogelijk de bal met de zijkant van het beentje geraakt hebben.

Video-beelden zouden inderdaad onbetwistbaar kunnen aantonen of de bal al-of-niet uitsluitend met de pomerans is geraakten éénmaal of meerdere keren. Stelje nu voor dat we een dergelijk hulpmiddelbewijs laten leveren. Dankrijgen we de volgende situatie: na een stoot is de arbiter niet helemaal zeker, zegt de speler even te wachten en gaat de beelden afspelen. De speler komt er bij om het ook te zien. Maar ook de tegenstander heeft het recht om zich te overtuigen dus die moet ook even kijken. Navijfminuten of zo kan dan de partij vervolgd worden. Weg concentratie! Even later neemt de arbiter een beslissing waar de speler het niet mee eens is, dus vraagt hij om de beelden af te spelen…. Maar het wordt nog mooier. Als je video-opnamen maakt is uiteindelijk elke situatie nog te controleren, dus ook de niet aan-de-beurt-zijnde-speler kan na elke stoot vragen om de beelden afte spelen. Het zou een onmogelijke toestand worden. Het maken van tien caramboles zou een uur duren en het spel zou morsdood worden gemaakt. Daarom, ook al kan een arbiter zich weleens vergissen, is er gekozen voor arbitrage door menselijke waarnemingen dat moet ook zo blijven.

Nog een briefschrijver stuurde mij een brief over hetzelfde onderwerp. In Frankrijk“, zo schreef hij, word je bij zelfs het kleinste ketsje onmiddellijk afgeteld. Ongeacht of de bal raak dan wel mis is. Ketsen is zitten. Hij schreef verder Kennelijk worden door de verschillende bonden niet altijd uniforme regels gehanteerd. Hoe zou dat in internationale wedstrijden geregeld zijn?”. We pakken er weer het Spelen Arbitrage Reglement bij. En weer bij art: 5207 lid 1, dat beschrijft hoe een geldige carambole gemaakt moet worden, nl. door een met de pomerans éénmaal toegebrachte stoot. Over ketsen wordt niet gesproken. Ook het internationale reglement, dat van de Europese CEB, hanteert dezelfde regels als wij in Nederland. Echter, in zaken die niet in dat reglement vastgelegd zijn, is elke nationale bond vrij om eigen regels te stellen voor het eigen wedstrijdwezen. En ik veronderstel dat men er in Frankrijk voor heeft gekozen om bij ketsen altijd af te tellen wegens ‘foute’ keuvoering. In dat geval sluit je uit dat een speler mag doorgaan nadat hij een bal op een niet-correcte manier heeft geraakt. Maar je accepteert de mogelijkheid dat een speler moet gaan zitten terwijl hij technisch geen fout heeft begaan. Dat is een keuze die je kunt maken en ik veronderstel dat ze dat in Frankrijk zo heb
ben gedaan.

In internationale wedstrijden wordt dezelfde regel gehanteerd als bij ons. Als de arbiter door middel van oog en gehoor vaststelt dat de bal met het beentje -of meer dan één keer-geraakt is, telt ‘ie je af. Maar is de arbiter overtuigd dat je de bal -met de pomerans- niet meer dan één keer hebt geraakt, dan mag je doorgaan.

Bron: Biljart totaal (september 2006)
Auteur: Piet Verhaar
Email: pietvangerte@hotmail.com

*** De rol van de schrijver bij een wedstrijd *** Index *** Wat de arbiter niet kan zien ***

Facebooktwittergoogle_pluspinterest
No tags for this post.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *