Mini Pentathlon

Mini Pentathlon Scorebord
Mini Pentathlon Scorebord

Het mini-Pentathlon. De speler geeft vooraf aan of hij een eenbander, tweebander, driebander of losbander dan wel een directe stoot wil gaan maken. Een losbander geldt daarbij altijd alleen maar als een losbander! Heeft men het aantal te maken caramboles van een spelsoort vol, maar maakt men een carambole van die betreffende spelsoort, dan is deze niet geldig en is de tegenstander aan de beurt.

REGLEMENT MINI-PENTATHLON

Er wordt gespeeld volgens een afvalsysteem. Echter na de eerste ronde volgt er voor de verliezers een herkansing.

Zij die de eerste en tweede partij spelen, tellen en schrijven voor elkaar. Zo ook vervolgens bij de daarop volgende partijen.

Iedere speler zorgt dat hij op het aangegeven tijdstip of zoveel eerder als mogelijk of zoveel later als nodig, speelbereid is.

Zorg dan ook minstens 15 minuten voor de tijd aanwezig te zijn.

Indien een speler tien minuten na het officieel geplande tijdstip niet aanwezig is, wordt de wedstrijd voor hem als verloren beschouwd.

Zijn tegenstander schuift automatisch door naar de volgende ronde.

Aantal caramboles: Het aantal te maken caramboles hangt af van het opgegeven libre-gemiddelde. (Zie hiervoor tabel onderaan.)

  1. Een speler is verplicht om van te voren te zeggen of hij een eenbander, tweebander, driebander of losbander dan wel een directe stoot wil gaan maken. Een losbander geldt altijd alleen maar als een losbander!
  2. Heeft men het aantal te maken caramboles van een spelsoort vol, maar maakt men een carambole van die betreffende spelsoort, dan is deze niet geldig en is de tegenstander aan de beurt.
  3. De beslissing van de arbiter of een carambole geldig is, is onherroepelijk.
  4. Voor de aanvang van de partij wordt de trekstoot gemaakt om te bepalen wie mag beginnen. De speler die begint heeft de gemerkte bal. De tweede speler heeft eventueel de nabeurt. Indien een speler met de verkeerde bal speelt, wordt hij afgeteld met de aankondiging: “verkeerde bal”.
  5. Bij vastliggende ballen worden de spelregels gehanteerd zoals bij driebanden, te weten: de speler kiest voor een losband of voor spelen van de niet vastliggende bal of de ballen worden als volgt opgezet:
    A. Speelbal op midden-onderaquit
    B. Andere witte bal op middenaquit
    C. Rode bal op de bovenaquit.
    (n.b.: alleen de vastliggende ballen worden opgezet!) Dit geldt ook bij uitspringende ballen.
  6. Verboden zones (libre-hoekjes) ontbreken op het biljart.
  7. Bij gelijk eindigen van een partij is die speler winnaar, waarvan het percentage van zijn hoogste serie in diens partij ten opzichte van zijn aantal te maken caramboles het hoogste is.
  8. Wanneer er sprake is van ‘beste verliezer’ wordt hiermede bedoeld hij die in percentages uitgedrukt de kleinste nederlaag heeft geleden.
  9. Slechtste winnaar is hij waarvan het percentage van zijn hoogste serie in die partij ten opzichte van zijn aantal te maken caramboles het laagste is. Is dit percentage gelijk, dan beslist de hoogste serie.
  10. De wedstrijdleiding heeft het recht om het aantal te spelen caramboles van een deelnemer aan te passen.
  11. Bij beste verliezers geen twee opeenvolgende partijen tegen dezelfde speler. De wedstrijdleiding gaat dan tot loting over onder de (beste) verliezers.
  12. In  alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de wedstrijdleiding.

Download de tellijst: Beja_Mini_Pentathlon_Tellijst

Download de Handicaptabel: Mini_Pentathlon_Handicaptabel

Handicaptabel mini-Pentathlon:

Libremoyenne Direct 1-band 2-band 3-band losband Totaal
4.00 en hoger 5 5 5 5 5 25
3.00 t/m 3.99 5 5 5 5 4 24
2.50 t/m 2.99 5 5 4 4 4 22
2.00 t/m 2.49 5 5 4 4 3 21
1.50 t/m 1.99 4 4 4 3 3 18
1.00 t/m 1.49 4 4 3 3 2 16
0.00 t/m 0.99 4 3 3 3 1 14
Facebooktwittergoogle_pluspinterest

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *