Een speler heeft recht op een oplettende arbiter

blinde-arbiter-01Het is niet altijd makkelijk om een zinnig stukje uit het toetsenbord tevoorschijn te toveren. De ene keer gaat het als vanzelf, een andere keer wil er maar niks bij je opkomen. Dan ben je blij als je iets aangereikt krijgt.

In mijn vorige schrijfsel vroeg ik aandacht voor een vaak voorkomend verschijnsel: de arbiter kan het daadwerkelijk caramboleren niet zelf waarnemen omdat de speler hem het zicht belemmert. En, hoe sneu ook, wat de arbiter niet ziet kan hij ook niet tellen. Heel wat lezers herkenden wat ik geschetst had. Kort erna was ik aanwezig bij wedstrijden en door verschillende omstanders werd ik herkend en kwam ter sprake wat ik geschreven had. Dat gebeurt wel vaker. Ik vind dat fijn, want uit die gesprekken haal ik soms weer stof voor een schrijfsel. Ook nu. In de loop van de avond hoorde ik een speler tegen de arbiter opmerken: ‘Je had hem niet gezien’. Daarop verdedigde de arbiter zich met: ‘Ik telde hem toch?’ Blijkbaar was de arbiter even afgeleid geweest.
Had even de blik ergens anders heen gericht. Had de ballen zien rollen en horen aantikken. Vervolgens geconcludeerd dat de carambole gemaakt was.
Dat was ook zo, niemand die het oneens was met het goedkeuren van de carambole.

Toevallig was het opgemerkt dat de arbiter eventjes afgeleid was. Iemand kon het niet laten om er een opmerking over te maken. Een ander keek mij aan en zei: ‘Weer stof voor een artikeltje’. En ja, eigenlijk sluit het mooi aan bij mijn vorige schrijfsel, over ‘Niet kunnen zien is niet kunnen tellen’. Maar hier is het toch even anders. Niet de speler is nu de oorzaak van het niet zien. Nu doet de arbiter het zelf. En, we weten: een fout waaraan de speler geen schuld heeft, mag hem niet worden aangerekend.

Nu is er natuurlijk geen enkele arbiter die nooit eens heel even afgeleid is geweest. Dat herkennen we allemaal wel.
En meestal wordt het niet eens opgemerkt omdat toch de juiste beoordeling de juiste annonce oplevert. Maar overkomt het je dat je heel even afdwaalt en ongelukkigerwijze een onjuiste conclusie trekt, dan sta je mooi in je hemd. Je dupeert of bevooroordeeld de speler. Wat je dus niet mag doen. Een speler heeft recht op een arbiter die zijn taak zo goed mogelijk uitvoert.

Er zit nog iets aan vast. Als je onjuist annonceert, mag de speler je vragen een en ander nog eens te heroverwegen. In sommige gevallen mag ook de niet aan de beurt zijnde speler dat. Dan ga je, zowel speler als arbiter, nog even concentreren op wat al voorbij is. En het is een vast gegeven; concentreren op wat voorbij is gaat ten koste van het concentreren op wat komt. Dat kan voor de speler vervelend uitpakken, maar ook voor de arbiter. Alles wat de concentratie verstoort, maakt de kans op een foutje groter. Gelukkig gaat het in de meeste gevallen goed. Maar daar mag je als arbiter nooit op vertrouwen. Er kan altijd die ene keer komen, dat het net niet goed gaat. Die kans maak je als arbiter zo klein als maar mogelijk, door te zorgen dat je bij de les bent en altijd ziet wat er gebeurt.

Bron: Biljart totaal (juni 2013)
Auteur: Piet Verhaar
Email: pietvangerte@hotmail.com

*** Moet je altijd de tellijst tekenen voor akkoord *** Index *** Als arbiter mag je geen muurbloem zijn ***

Facebooktwittergoogle_pluspinterest

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *